Gidsen

Veldbonen zaaien

Veldbonen zaaien - Blomea.nl

Tuinbonen zijn dé boon die je al veel vroeger kunt zaaien dan de meeste andere bonen in de moestuin. Waar gewone bonenzaden pas later de grond in mogen, verdragen tuinbonen gemakkelijk wat vorst en zaai je zodra de aarde bewerkbaar is.

Tuinbonen staan ook wel bekend als favabonen of veldbonen en behoren tot de meest eiwitrijke gewassen die je zelf kunt kweken. Het zijn eenjarige planten die vooral opvallen door hun indrukwekkende hoogte — ze kunnen wel tot 1,5 meter reiken! Met hun grote groene bladeren en prachtige zwart-witte bloemen zijn tuinbonen bovendien een mooie aanvulling in je tuin.

Zo zaai je tuinbonen

Zaai tuinbonen direct op de plek waar ze mogen groeien, van maart tot april — afhankelijk van het weer en je eigen klimaatzone. Ze kiemen graag in koele grond, en een vroege zaai voorkomt bovendien veel problemen met onder andere zwarte bonenluis. Als de planten groot zijn en stevige, leerachtige bladeren hebben wanneer de luizen in juni verschijnen, veroorzaken de luizen veel minder schade.

Tuinbonenzaden zijn groot, en daarom zaai je ze iets dieper dan de meeste andere bonenzaden. Omdat de planten hoog worden, geeft een dieper geplant zaad een stevige, stabiele plant.

  1. Maak de grond luchtig tot een diepte van 25-30 cm. Tuinbonen ontwikkelen een sterk wortelstelsel.
  2. Maak gaten van ongeveer 5 cm diep.
  3. Leg de zaden neer met 10-15 cm plantafstand en 30-50 cm ruimte tussen de rijen.
  4. Dek toe met aarde en druk goed aan.
  5. Geef alleen water als de grond erg droog is. De voorjaarsgrond is vaak vochtig genoeg van zichzelf.

Zaai je in twee of drie rijen naast elkaar in plaats van één lange rij, dan steunen de planten elkaar zodra ze hoog worden. Zo voorkom je eenvoudig dat je rij omwaait bij wind.

Meer weten over de ideale tuinbonen plantafstand en verschillende soorten bonen? Lees het in onze gids over plantafstanden voor bonen.

Hoogte, steun en standplaats

Tuinbonen worden meestal tussen de 60 cm en 1,5 meter hoog, afhankelijk van het ras. De stengel is stevig en hoekig, waardoor tuinbonen vaak uit zichzelf rechtop blijven staan. Toch kunnen de hoge soorten bij veel wind omvallen als de peulen zwaar worden.

De makkelijkste oplossing? Zet in elk hoekpunt van je vak een plantenstok en span er jute touw omheen op twee hoogtes. Zo blijven de planten netjes bijeen zonder dat je elke plant apart hoeft vast te binden.

Kies bij voorkeur een zonnige tot licht beschaduwde plek met goed doorlatende aarde. Tuinbonen halen hun eigen stikstof uit de lucht, en hebben dus zelden extra meststof nodig. Wil je de details weten? Bekijk dan onze gids over bonen bemesten.

Toppen tegen zwarte bonenluis

Zwarte bonenluis is dol op tuinbonen en verschijnt meestal in juni, precies op tijd. Ze vormen dan dichte kolonies in de zachte top van de plant.

Het beste middel is simpelweg de top eruit knijpen. Zodra je planten vier à vijf bloemtrossen hebben gevormd en je de eerste luizen ziet, knijp je zo’n 10 cm van de stengel af. Zo verdwijnt het deel waar de luizen het liefst zitten, en kan de plant al zijn energie richten op het laten rijpen van de peulen.

Wordt de luisplaag toch te groot? Spoel ze dan krachtig af met de sproeier. Meer weten over andere problemen? Lees dan onze pagina over bonenziektes en plagen.

Wanneer kun je tuinbonen oogsten?

Tuinbonen zijn doorgaans oogstrijp na 12 tot 16 weken vanaf het zaaien, vaak dus al in juni of juli. Je ziet het direct als de peulen naar beneden gaan hangen en je de vorm van de bonen door de groene schil heen kunt zien.

Oogst bij voorkeur als de bonen nog jong en mals zijn. Laat je ze te lang hangen, dan worden de bonen meelachtig en de buitenste huid taai. Hele jonge peulen van 5-8 cm kun je trouwens in hun geheel koken en eten, net als sugarsnaps.

Wil je tuinbonen bewaren voor de winter, laat de peulen dan aan de plant totdat ze helemaal droog en bijna zwart zijn. Tuinbonen moet je altijd koken of stomen voor gebruik.

Alles over bewaren lees je in onze gids over bonen bewaren.

Laat je inspireren: andere bonensoorten

Tuinbonen verschillen duidelijk van andere bonen, zowel qua zaaitijd als verzorging. Lees ook eens onze andere praktische gidsen:

Wil je nog meer lezen over bonen, kijk dan hier verder:

Nog tuinbonen zaden nodig voor het komende seizoen? Bekijk dan ons aanbod biologische tuinbonen zaden hier.

Vorig
Strauikbonen zaaien
Volgende
Tuinbonen zaaien